Categorie archief: wetenschap

anderen over WETENSCHAP (1)

Er zal voorlopig nog wel gediscussieerd worden over de vraag: is antroposofie wetenschap of niet. Een geloof dan; of een quasi-, dan wel pseudowetenschap.

Het antwoord hangt in grote mate af van de opvatting(en) die je huldigt: je standpunt. Hier heb ik vooral prof. Luijpen aan het woord gelaten.

Uit zijn woorden valt op te maken dat ‘wetenschap’ geen allesomvattend begrip kan zijn.

Het is een beperkt begrip. Wat er niet in past, valt niet onder die opvatting. Maar daarmee is niet tegelijkertijd gezegd dat in dit geval ‘antroposofie’ geen wetenschap zou (kunnen) zijn.

Er zijn anderen die ook bepaalde opvattingen hebben en denkbeelden koesteren. Hoewel zij meestal niet vanuit antroposofische gezichtspunten denken, is hun opvatting vaak wel ‘in de geest van’.

Het is niet zo, dat ik iets pas waardevol vind als het op de ideeën van Steiner lijkt.

Vanaf een palet met maar 1 kleur kunnen geen kleurrijke schilderingen ontstaan. Een bont palet is mij liever.

Af en toe kom ik zo’n paletkleur tegen.

Deze bv.

HERSENLOZE BETWETERIJ

‘Wie indruk wil maken op feestjes of in de media, moet tegenwoordig bij elke uitleg van wat mensen doen hun hersenen erbij halen. Puberjongens zijn niet agressief; ze hebben een overmaat aan testosteron in hun brein en daardoor zijn ze agressief. Moeders houden niet van hun kinde­ren, Nee, door de pijn tijdens de bevalling (of door het zogen, dat hoor je ook nog weleens), maken de hersenen oxytocine aan en dat zorgt voor moederbinding. We zijn niet zomaar in de war als we verliefd zijn; uit hersenscans blijkt dat de frontale kwab die betrokken is bij de informatieverwerking te weinig wordt geacti­veerd doordat andere centra te veel dopamine produceren – of zoiets.
Gedrag verklaren klinkt een stuk overtuigender als je de hersenen de schuld geeft.

Het maakt niet uit hoe onzinnig de psycholo­gische verklaring voor het gedrag is; als er maar een soort neuro-verband – met hormonen en MRI-scans en dopamine – bij vermeld staat, klinkt het meteen een stuk overtuigender.
Dat laatste blijkt ook echt zo te zijn: onder­zoekers hebben onlangs voor een experiment allerlei psychologische verklaringen voor verschillend menselijk gedrag voorgelegd aan proefpersonen, al dan niet voorzien van wat neuro-onzin. Zelfs de meest bizarre psycho­logische verklaring vonden mensen aanneme­lijker als er maar iets over de werking van onze hersenen bij stond, Het maakte niet eens veel uit wat. En hoe minder verstand ze van hersenen hadden, hoe beter ze de verklaring vonden.

Echte hersenonderzoekers trapten er niet in.
Omdat zij weten dat zo’n verklaring niets aan ons inzicht toevoegt. Voor alles wat we doen en voelen, is immers een mechanisme en een kwabje in de hersenen aan te wijzen, dat kan niet anders. Die mechanismen en kwabjes verklaren echter niet wat we doen en voelen, ze laten alleen maar zien wat er van binnen gebeurt als we iets doen en voelen. Zoals spieren nodig zijn om onze wenkbrauwen te fronsen of onze neus op te halen, maar de uitleg van de spierbewegingen niets toevoegt aan de verklaring voor dat fronsen of ophalen. Als iemand ons vraagt waarom we de wenkbrauwen fronsen, verwacht hij geen tekening van alle gezichtsspieren die daarbij betrokken zijn.
Ook boeiend, maar niet ter zake.
Dus als u de volgende keer op een feestje of in de media weer iemand hoort beweren dat criminaliteit komt door een lage (of juist hoge) gevoeligheid voor cortisol, of dat verslaving wordt verklaard door een tekort (of juist teveel) aan serotonine in de hersenen, kunt u het best even uw wenkbrauwen fronsen. Of uw neus ophalen, natuurlijk.’
Wetenschapjournalist van Maanen
(verschenen in het blad PLUS)

anderen over HET HART – alle artikelen

Anderen over het hart (1)
Interview met Jaap van der Wal, embryoloog, over het (ontstaan van) het hart

Anderen over het hart (2)
Aart van der Stel, arts: ‘Het hart als snuffelpaal voor het Ik’
Hart als’ bewustzijns-gevoels- en wilsorgaan’. Vet; cholesterol;

Anderen over het hart (3)
Walter Bühler, arts: ‘De ziel van het hart’. Hart als’ bewustzijns-gevoels- en wilsorgaan’.Geweten

Anderen over het hart (4)
Gessler, arts: Oorzaken en genezing van hartziekten

Anderen over het hart (5)
Hans Christoph Kümel, arts: Het hart als bijzonder orgaan
3-ledigheid van het hart; dubbele geaardheid van het hart; hart in de taal

Anderen over het hart (6)
Gustav Hering: hartelijkheid, hartenkrachten; gemoed; denken; willen

Anderen over het hart (7)
Blattmann: hart en wereldhart; heliobiologie; Alexander Tschishewski

Anderen over het hart (8)
Gerhard Schmidt, arts: Ritme; milt; stofwisseling; voeding

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

ANTROPOSOFIE: WETENSCHAP?

WETENSCHAP , PSEUDOWETENSCHAP
Met grote regelmaat en van verschillende kanten wordt gezegd dat de antroposofie die door Steiner ook geesteswetenschap werd genoemd, geen wetenschap is.

Of ze wordt als “pseudowetenschap” gekwalificeerd.

 WETENSCHAP
Het kan niet anders of mensen die zo iets beweren, weten wat wetenschap wél is, want anders zouden ze niet kunnen zeggen, wat géén wetenschap is.

Wat men onder wetenschap verstaat is toch over het algemeen de wetenschap van maat, gewicht en getal.

WARE WETENSCHAP IS NATUURWETENSCHAP
De meeste mensen die het over de wetenschap hebben, koesteren, vaak onbewust, de overtuiging: de(ze) wetenschap is de ware wetenschap.

a.h.w. een natuurkundige wetenschap.

Ze vergeten in dit uitspreken, dat ze eigenlijk geen natuurwetenschappelijke uitspraak doen, want de uitspraak: “de natuurwetenschap is de echte wetenschap” is geen natuurwetenschappelijke uitspraak, maar een geesteswetenschappelijke.

PROF.DR.LUIJPEN
Deze  zin heb ik opgetekend uit de mond van Prof.Dr. Luijpen.

Als existentieel filosoof was hij onophoudelijk op zoek naar de plaats
van de mens tussen god en wereld. Hij had zo zijn twijfels of de (natuur)wetenschap wel door kan dringen tot de existentie van de mens.

Ook voor mij is het een vraag of  slechts de natuurwetenschap alleen, tot
het wezenlijke van het menszijn kan doordringen.

In  zijn “God! Goddank! Godverd….! (uitg.Emmaüs 1972) schetst Luijpen situaties van de mens, in diens leven en noemt deze
“situaties van de existentie’, de mens als “existerende subjectiviteit”.

Voor deze “existerende subjectiviteit” zijn die levenssituaties letterlijk
van levensbelang.

Voor Luijpen ontstaat de vraag: kan de natuurwetenschap iets zeggen
over deze levenssituaties.

Hij stelt zich de situatie voor:
“Wanneer een jongen zijn meisje “lief” noemt, noemt  hij haar aldus als existerende subjectiviteit.”

“Maar hij kan haar ook tot een ingrediënt van de mechanica maken.
Dat is het geval wanneer hij haar op de weegschaal zet. De weegschaal
zegt: “negentig pond”. Dat zegt de weegschaal ook als er een zak zout van negentig pond op gezet wordt. De weegschaal kan niet zeggen: “lief”. Als ingrediënten van de mechanica zijn meisjes niet lief. Evenmin zijn mensen religieus als ingrediënten van de wetenschappen.”(blz 9)

Ik vul zelf aan:
Als deze jongen zijn hart laat spreken, zegt hij dat hij van het meisje
houdt.

Maar voor de ‘weegschaal’wetenschap kan het hart niet spreken. Die
ziet dat het hart een pompbeweging maakt en noemt het derhalve
een pomp.

Die ‘weegschaal’wetenschap ziet ook ‘denken, voelen, willen’ niet,
hoewel ons “existerend zijn”  voor het grootste deel bestaat uit denken,
voelen en handelen.

LETTERLIJK: NA-GEDACHT
Luijpen had ook een aardige omschrijving van het woord “nadenken’ .
Hij bedoelde het ‘na’ hier letterlijk: nadat een ander het heeft gedacht.
We denken dat na en vaak spreken we dat na.

Iets dergelijks gebeurt ook met de mededelingen van Steiner. Dat hij ze
door bovenzintuiglijke waarneming heeft verkregen, is in wezen niet zo belangrijk. Belangrijker is dat wij ze kunnen na-denken en dat wij de
waarheid ervan kunnen ervaren, of niet.

Wat ik hier met bepaalde mededelingen van Steiner doe, is ze gebruiken
om te zien wat ze voor mijn existentie betekenen.

Ze inspireren mij om ermee naar mens en wereld te kijken.

Het resultaat van dit kijken is de inhoud van deze blog.